ajax loader

Na de afsluiting van de Zuiderzee veranderde het karakter van de visserij ingrijpend. Door de geleidelijke verzoeting van het water verdwenen al vrij snel de haring, de ansjovis en de garnalen. De betekenis van de bot- en spieringvisserij nam geleidelijk af. De aalvisserij vormde na de afsluiting de belangrijkste bron van inkomsten. De paling ontwikkelde zich boven verwach­ting. In Elburg werd de aalvisserij na 1932 hoofdzakelijk met de dwarskuil en het hoekwant uitgeoefend.

Na de afsluiting van de Zuiderzee heeft de overheid in grote hoeveelheden jonge snoekbaars uitgezet. Al in 1933 werden de eerste jonge snoekbaarjes in de dwarskuil gevangen. Pas vanaf 1938 kreeg de snoekbaarsvisserij betekenis in Elburg.Op snoekbaars kon een groot gedeelte van het jaar worden gevist. Er werd hoofdzakelijk op twee manieren op snoekbaars gevist, namelijk met drijfnetten en met staande netten.De snoekbaarsdrijfnetten werden tussen twee schuiten in voort­getrokken, waarbij ieder vaartuig gewoonlijk vijf netten leverde. Deze vorm van visserij beoefende men in de regel in de wintermaanden. De staandwantvissers schoten meestal enige tientallen perk­jes snoekbaarsnetten kort bij de kustlijn uit. Na een nacht werden deze netten weer ingehaald.